Echovoelen

Foto: Annik Loodts

Onze twee katten balanceren tussen poeslief een mankepootje hoog houden om eten of een aai te krijgen en tijgerhard hun klauwen in één of andere prooi zetten om hun jachtinstinct gaaf te houden of hun niet-vegetarische menu zelf samen te stellen. Een muis, wild konijntje, tuinvogel en duif passeerden al de revue, waarbij we meermaals te laat kwamen om het arme beestje te redden. We vragen ons af of we niet beter het advies van een ex-collega volgen en een belletje rond hun tekenbandje doen om potentiële slachtoffers voor het toesluipende gevaar te waarschuwen.

Ze leven weliswaar buitenshuis maar hebben eigenlijk genoeg aan de brokjes die ze van ons krijgen. Deze keer ziet de jongste hoe onze leeuwen er net in geslaagd zijn om bij valavond een vleermuis van haar vrijheid te beroven. En jammer genoeg ook al van haar leven. Ik denk weer aan dat klingelmetaal aan hun nek. Een echo in mijn hoofd doet figuurlijk een ander belletje rinkelen.

Van de biologieles herinner ik me dat vleermuizen blind zijn en met hun oren kijken. Zijn ze dan wel blind? Door geluiden te maken die door objecten weerkaatst worden en die ze vervolgens terug opvangen, vormen ze een beeld van hun onmiddellijke omgeving. Dat gebeurt razendsnel en in een geluidsfrequentie die wij niet horen. Dankzij die echolocatie vermijden ze hindernissen en jagen ze bijvoorbeeld op insecten. Voor dit mooie exemplaar heeft het deze keer niet gewerkt om aan een dier te ontsnappen dat boven hem in de voedselketen staat. Hij was op jacht in onze biotoop die steeds meer planten telt waarop bijen, vlinders en andere insecten graag vertoeven. “De natuur is hard, maar dat is de natuur”, zegt mijn vader.

“Ik praat met minder woorden, jij zegt wat ben je stil.” (Frank Boeijen)

Dolfijnen en sommige walvissen gebruiken dezelfde techniek in het water. De natuur is al vaker het voorbeeld geweest om de natuur naar onze hand te zetten. Het resultaat daarvan is niet altijd fraai maar in dit geval een zegen want ondertussen wordt echolocatie door de mens ingezet om blinden op hun manier te leren zien. Laten we hen dus voortaan andersziend noemen. Net zoals we niet mindervalide maar andersvalide zeggen. In dezelfde gedachte zijn dove mensen niet stom. Hun stembanden werken wel degelijk maar worden niet gebruikt omdat ze het geluid zelf niet horen. Ze begrijpen elkaar in ieder geval op een unieke manier: via gebarentaal en liplezen. Dus communicatie is wel degelijk mogelijk. Doofstom kan dus net zo goed vervangen worden door andershorend.

Volgens dezelfde redenering noem ik hoogsensitieve personen andersvoelend. Denkend aan de zwarte fladderaar waarvan de schoonheid en de efficiëntie haaks staan op de lugubere stempel die het vaak opgedrukt krijgt, zou ik zelfs echovoelend zeggen. Op die manier vangen wij namelijk prikkels op met een frequentie die buiten de ontvangst van de meeste menselijke radars liggen. Zien wat niet gezien wordt. Ruiken wat niet geroken wordt. Horen wat niet gehoord wordt. Proeven wat niet geproefd wordt. Voelen wat niet gevoeld wordt. Een overdosis wordt dan wel eens ons deel.

Daarom gaan we anderen of situaties soms liever uit de weg. Op zoek naar rust en stilte. Als een vlinder die uit angst voor de vleermuis liever niet ontpopt. Als een vleermuis die uit angst voor de kat zijn schuilplaats liever niet verlaat. Op die momenten zijn we niet a-sociaal maar anders-sociaal en praten we met minder woorden terwijl dat voor anderen stil zijn is. Het aantal letters, lichamelijke bewegingen of geproduceerde decibels is niet altijd recht evenredig met de waarde van de communicatie of de emotionele betrokkenheid. Empathie is niet noodzakelijk hoorbaar. Praten zonder woorden zegt soms meer.

“Courage teach me to be shy.” (Damien Rice)

Laten we daarom een zintuiglijk pact sluiten waarbij anders nooit als abnormaal of minder gelijk bestempeld wordt. In geen enkele richting. Zodat de communicatie tussen mensen als basis voor letterlijk en figuurlijk begrip veel meer verbindt dan scheidt. Het geeft echovoelers alvast de nodige moed om verlegen te zijn.

3 gedachten over “Echovoelen

  1. De kat in’t verhaal is een bijkomstigheid voor mij. Je beeldspraak die je doortrekt naar het respecteren van iemands “anders-zijn” komt adembenemend binnen… weer een pareltje …

  2. Soms ontmoet je iemand op straat en je kijkt diegene aan. In de ogen kun je soms zoveel lezen dat je letterlijk voelt wat je in die ogen leest. Soms loop ik met tranen in mijn ogen door een winkelstraat om wat ik in iemands ogen lees. En soms maakt mij iemands blik weer heel erg blij. Zo’n sonar is soms lastig, want je hebt ook je eigen leven nog. Maar soms is het geweldig mooi. Dan dwarrel ik als een vleermuis door de lucht (buiten de klauwen van mijn kat). En vaak in rust en stilte. Prachtig Tommy. Dank je wel ❤

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s