Kasseimild

“Wie durft van zichzelf te zeggen dat hij of zij goed in iets is?” Als ik tijdens lezingen die vraag stel, gaan er slechts een aantal schuchtere handen de hoogte in. De lucht wordt flink wat vingerrijker na de vraag of anderen al tegen hen gezegd hebben dat ze goed zijn in iets. Vanwaar dat verschil? Waarom beschouw je iets waarin je goed bent als doodnormaal en kijk je vol bewondering je ogen uit bij wat iemand anders kan. Voor elk klopje op diens schouder geef je jezelf een tikje tegen de wang voor iets wat jij niet kunt. Je kwaliteiten niet naar waarde schatten en focussen op wat je niet kunt zijn de belangrijkste vertragers van zelfvertrouwen. Het vergroot je (faal)angst. Je durft steeds minder. Het is een versneller van stilvallen na verloop van tijd. De ontbrander van een verbrandingsproces.

Naast het streven naar harmonie en rust wil een hoogsensitief persoon vanuit zachte empathie een verschil maken voor anderen, iets voor hen betekenen. Dat mooie streven gaat meestal gepaard met een behoefte aan bevestiging, niet zelden gevoed door een stevige dosis perfectionisme en een uitgesproken angst voor beoordeling of veroordeling. Bij een eerder laag zelfvertrouwen is goed dan nooit goed genoeg en vergt het heel wat oefening om de perfecte imperfectie te leren zien. Om jezelf te zien en voor de spiegel uit te spreken dat je goed bent zoals je bent.

Perfectionisme is een kwelduivel voor de mildheid die je nodig hebt om aandacht te vertalen in aanvaarding. Het valt me bijvoorbeeld telkens op hoeveel mensen lijstjes maken van wat ze moeten doen en dat wanneer op het einde van de dag of week maar acht op tien opdrachten afgerond zijn het meer met ontevredenheid dan tevredenheid gepaard gaat. Lijstjes kunnen inderdaad een houvast zijn. Maak er geen keurslijf van, geen rapport om je achteraf op af te rekenen. En vooral: vergeet niet om er ook ontspanning op te noteren. Begin daar misschien zelfs mee. Want tijd voor jezelf zou eigenlijk het eerste mogen zijn wanneer je jouw planning opmaakt. Zo gaf me recent nog iemand het voorbeeld dat hij en zijn partner met kleurtjes werken en eerst de me & us time aanduiden.

Het doet me denken aan de tijd dat ik veel te hard was voor mezelf. Het gebeurde wel eens dat ik mezelf tijdens een lange fietstocht tegenkwam omdat het bobijntje af was, gevolgd door een ferme schep zelfkritiek waardoor de rit naar huis geen pretje was en de barometer ook nadien niet snel weer op positief stond. Tot mildheid mij ont-moet heeft. Want als het nu nog gebeurt, schakel ik een paar tandjes terug en fiets ik met aandacht rustig terug naar huis. Kijk om me heen en zie, voel waar ik ben. Zeg dag tegen mensen en krijg een vriendelijke bevestiging terug. Geloof me vrij dat je dan anders thuiskomt en dat lichaam en geest je dankbaar zijn. Soms vertrek ik zelfs niet terwijl ik het wel van plan was, zoals nu, omdat er wat vermoeidheid speelt. Daardoor ben ik aan het tokkelen en ligt onze kat tevreden op mijn schoot te spinnen. Geeft kopjes. Zet zachtjes zijn nagels in mijn pyjama. Voorziet me van knuffelhormoon. Misschien straks wat fietsen of joggen, we zien wel. Voelen wel.

“Ik kan de koers alleen maar zo rap rijden als ik zelf kan. Ik heb er geen probleem mee dat de beste wint.” (Oliver Naesen)

Het neemt me mee naar de les van mijn toen zesjarige petekind. Stel jezelf eerst even voor wat er in je omgaat wanneer je iets laat vallen. Hij staat bij ons in de keuken en haalt een mok uit de kast. Ik zit aan tafel. Hij laat de mok vallen. Stilte. Kijkt naar mij, vermoedelijk wachtend op een terechtwijzing. Ik zwijg. Hij: “Dat gebeurt soms he.” Ik glimlach en denk er wel eens aan terug wanneer ik zie of hoor dat er iets valt of mijn hoofd tegen de wasemkap stoot terwijl ik aan het koken ben. Het is een manier om met tegenslag om te gaan zonder alles dood te relativeren. Dat gebeurt soms he. Probeer het en besef dat we meer over molshopen dan bergen struikelen – merci Confucius.

In dezelfde context haal ik regelmatig een artikel in Knack aan, waarin de anekdote van een ambitieuze souschef in een toprestaurant aangehaald wordt. Hij laat het laatst gedresseerde dessertbord vallen en is ontgoocheld. Tot zijn chef hem erop wijst hoe mooi het eigenlijk is, zo uit elkaar gevallen. Sindsdien staat ‘Oeps ik liet de citroentaart vallen’ op het menu en proberen andere restaurants het succesgerecht na te bootsen. Die bewuste avond leerde de souschef de perfecte imperfectie omarmen. Proefde hij wat mildheid kan doen.

In het alfabet komt de M van mildheid voor de P van perfectionisme. In een bewustwordingsproces is het helaas vaak andersom en lopen we eerst tegen de muur van ‘het is nooit goed genoeg’ vooraleer we de juiste volgorde kennen… waarbij toepassen nog een uitdaging op zich is. Het is één van de belangrijkste aandachtspunten in het verhaal van persoonlijke ontwikkeling of preventief onderhoud, zoals iemand uit het publiek recent opgooide wanneer ik over EHPO (basis van de slakkenfilosofie, naast Vitamine B3) sprak. Probeer, zeker als HSP, zoals bij communicerende vaten of een overvolle stuwdam een beetje overschot aan mildheid voor anderen naar mildheid in je eigen tonnetje of jouw rivier over te pompen. Er is meer dan genoeg aanwezig en zo vermijd je uitdroging of een overbelaste milt, die ook wel eens de zetel van de zwaarmoedigheid genoemd wordt (‘het spleen hebben’, vanuit het Engelse spleen voor milt), waarschijnlijk mede veroorzaakt door te weinig mild.

Vergelijk het met fietsen, waarbij je met veel te hard opgepompte banden over kasseien knalt, van links naar rechts davert en voor je het weet stilvalt of in de greppel belandt. Met wat zachtere banden bolt het beter. Het zorgt voor extra grip op je mountainbike. Je vergroot je loopvlak. Het is als zachte mildheid op een hobbelig of modderig parcours, waarin je ongetwijfeld ooit terechtkomt. Goed is goed genoeg. Wat zachter mag.

Deze kwamen we tegen op een wandeling in Namen. Bevrijd jezelf van de beoordelingsgevangenis die je meedraagt en de perfectionismestrop waarin je op je hobbelige parcours verstrengeld raakt.

 

Een manier om in alle mildheid het nu te beleven en aandacht te hebben voor jouw goed genoeg is meditatie, dat recent door neuroloog Steven Laureys even efficiënt als antidepressiva genoemd werd. Je hoeft daarbij niet meteen aan boeddhistische monniken te denken die continu mantra’s prevelen. Er bestaan op het internet ook eenvoudigere bodyscans, aandacht- en ademhalingsoefeningen. Recent ontmoette ik Veerle Dobbelaere, toen we beiden een inspiratiesessie voor een groep managers verzorgden. Op haar website mijnademruimte.be kan je op het ritme van haar rustige stem proeven en voelen wat het met je doet.

4 gedachten over “Kasseimild

  1. Dank voor deze inspirerende tekst. Faalangst is immers iets waar ik sterk mee worstel tijdens mijn burn out die ik als HSP erg intens beleef… Ik heb een mindfulness cursus gevolgd en hoewel mildheid helpt zijn er helaas toch dagen zoals vandaag waar het verwerkingsproces zwaar weegt. Jouw tekst kwam vandaag dan ook als geroepen! Warme en milde groetjes

    Liked by 1 persoon

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.